Oefening: 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19a | 19b

 

Gesprekken II - Oefening 18 (351-375)

Wat zegt U ons door de Sjoa en de staat IsraŽl?

1. Gesprek als gebed. (351-353)

 

351. O, God van het verbond, wat zegt U ons door uw volk IsraŽl?
Ik, hun Schepper en Redder, heb dit volk geroepen tot mijn getuigen onder de volken om voor allen tot zegen te zijn, Gen. 12:1-3; Jes. 43:1-13.
Ik blijf trouw aan mijn eerstgeboren zoon in lief en leed, in Kanašn en in de Verstrooiing, in genade en gericht zoals Ik ook de zon stabiel in zijn baan houd, Ex. 4:22; Hos. 1:1; Jes. 43:1-2; Jer. 2:1-3; 31:31-37; Rom. 9-11.
Ik maak mijn Naam kenbaar door IsraŽls opgang en neergang en door de Geschriften van mijn verbond, waarin Ik getuig van mijn volk en mijn Zoon, Deut. 28-32; Ps. 105-106; Joh. 5:31-47.

 

352. Waarom liet U, Heilige en Getrouwe, uw getuigen zo zwaar lijden?
Ik beproefde hen of zij Mij meer respecteren dan hen die alleen het lichaam maar niet de ziel kunnen doden, Ps. 44:18-23; Jes. 60:19-22; Dan. 3; Mat. 5:1-12; 10:28; Hand. 7- 8:1-3; 9:16; 1 Pe. 1:3-12.
Ik gaf allen die mijn Naam te grabbel gooien over aan Satan om hen te leren zich vol ontzag voor Mij te buigen, Deut. 28:10-68; Richt. 2-3:5; Ps. 79; 80; Jes. 40-46; Ez. 36; Neh. 9; Rom. 2:1-11.
Ik maakte hun lijden tot teken van mijn Knecht die voor aller zonden boette, Jes. 42:1-4; 52:13-53:12; Hand. 3:26; 8:32-35.

 

353. Wat zegt U ons door de in 1948 opgerichte staat IsraŽl?
Ik gebruikte het zionisme om verstrooiden naar het beloofde land terug te voeren en hen tot leven te wekken, Gen. 15:12-21; Ez. 36-37; Zach. 8:7-8.
Ik liet als Barmhartige deze staat oprichten uit deernis met mijn door pogroms en de Sjoa geteisterde volk als nieuwe kans om mijn Naam te heiligen, Neh. 9:17b, 31; Ez. 36;22-38; Zach. 8:20-28; 9:8-17; Luc. 21:5-36.
Ik zet IsraŽl breed in beeld om de mensheid te herinneren aan mijn beloften aan Abraham en zijn zoon, de Messias, mijn Zoon die als zachtmoedige koning op een ezelin Jeruzalem binnenreed en de zijnen redt, maar zijn vijanden zal verpletteren, Zach. 8:9-10; Mat. 21:1-7; Ps. 2; 72; 146; Openb. 1:4; 5-21.
2. Zijn verstrooiing en terugkeer naar Kanašn herhaalbaar? (354-358)

 

354. Wat is, leraar, de Diaspora en wat zit daarachter?
Diaspora is de Griekse naam voor de Verstrooiing van Joden over vele landen en ook wel de naam voor die landen zelf, Joh. 7:32-36. Men vestigde zich soms vrijwillig in het buitenland als handelaar, maar meestal dwongen overheersers hen weg te trekken, vooral na de val van Samaria, 722, en Jeruzalem, 586 v.C. De HEER had met deportatie gedreigd bij IsraŽls intocht. Hij droeg Mozes op vervloekingen op de berg Ebal over ongehoorzamen te laten uitspreken en op de Gerizim zegeningen over gehoorzamen, Deut. 27-28. Zegen en vloek staan als Gods Woord boven IsraŽls geschiedenis bij Mozes en de profeten, Jer. 1:10; Ez. 36-37; Obadja 15-21, Oef. 17.

 

355. Hoe luidde de bedreiging met verstrooiing in de 13e eeuw v. C.?
ďDe HEER zal u onder alle volken verspreiden, van het ene einde van de aarde tot het andere; daar zult u andere goden dienen, die u en uw voorouders niet hebben gekend, goden van hout en van steen. En bij die volken zult u geen rust vinden, geen veilige plek zal er zijn vůůr uw voeten. De HEER zal daar uw hart laten sidderen, uw ogen laten verkwijnen en uw ziel versmelten. Voortdurend zal uw leven in gevaar zijn; dag en nacht zult u in angst zitten, omdat u uw leven niet zeker bent.Ē, Deut. 28:64-66.

 

356. Maakte de HEER zijn bedreigingen waar?
Ja, Hij gaf in 722 v. C. het Noordelijke rijk prijs aan de AssyriŽrs, liet het volk deporteren en in hun gebied heidenen immigreren, 2 Kon. 17:20-24. Hij liet in 586 v.C. het Zuidelijke rijk wegvoeren naar Babel en de tempel verwoesten, 2 Kon. 24-25. Hij uitte hiermee Zijn toorn tegen zijn ongelovige volk en hun wangedrag, Ez. 36:16-19. De volken gingen met hen en met Hem spotten: Ďwaar blijft de ingreep van hun God?í, Ps. 79:10. Daarom deze de vromen een beroep op Hem zijn reputatie te herstellen door hun terugkeer. ďHelp ons God, onze Redder, omwille van uw heerlijke Naam, red ons, vaag onze zonde weg omwille van uw Naam.Ē, Ps. 79:9; 80:8.

 

357. Hoe luidde de belofte van terugkeer naar Kanašn en tot de HEER?
ďAl bent u verspreid tot het einde van de wereld, Jahweh, uw God, zal u weer bijeenbrengen. Hij zal u van daar terughalen en naar het land (= Kanašn) brengen dat uw voorouders in bezit genomen hadden; en u zult het weer in bezit nemen. Hij zal u gelukkig maken en nog talrijker dan uw voorouders. De HEER uw God zal uw hart en dat van uw nakomelingen besnijden zodat u Hem zult beminnen met heel uw hart en heel uw ziel en daardoor het leven zult bezittenĒ, Deut. 30:4-6.

 

358. Maakte de HEER ook zijn beloften van terugkeer waar?
Ja, onder Cyrus (= Kores), koning van de Perzen, liet Hij in 538 v.C. groepen terugvoeren naar Judea en een tweede tempel bouwen onder Zerubbabel, Ezra 1-4. Zij hadden eeuwen rust tot de Syrische koning Antiochus IV Epifanes (175-164) de tempel plunderde. Onder de MakkabeeŽn streefde men naar onafhankelijkheid van SyriŽ. Romeinen maakten onder generaal Pompejus in 63 v. C. een einde aan de zelfstandigheid van Joodse staat, vernietigden Jeruzalem onder Titus in 70 n. C. en verklaarden later Jeruzalem tot verboden gebied voor joden, maar geen jood vergat ooit de stad van de Eeuwige, Ps. 125, 137. Jezus voorspelde de vergelding voor ongehoorzaamheid maar ook het einde daarvan, Luc. 21:21-4. Negentien eeuwen zwerven en vertrapping mondden uit in heroprichting in 1948 van de joodse staat, voor velen bewijs van de vervulling van de profetie, voor anderen enkel een ingreep van mensen.

 

Jezus profetie over Jeruzalem
ďWanneer u Jeruzalem door (Romeinse) legers omringd ziet, weet dan dat haar verwoesting nabij is. Laten de inwoners van Judea dan de bergen invluchten; wie in de stad (Jeruzalem) is moet haar verlaten, en wie op het land is moet haar niet binnengaan. Dit zijn de dagen van VERGELDING, waarin alles wat er (in het Oude Testament) geschreven is, in vervulling gaat. Wee de vrouwen die zwanger zijn in die dagen, of een kind aan de borst hebben; want het land zal in diepe nood verkeren en dit volk (= Israel) zal door Gods TOORN worden getroffen.
en tijden heidenen
Ze zullen vallen door het scherp van het zwaard en als gevangenen worden afgevoerd naar alle heidense volken; en Jeruzalem zal door de heidenen vertrapt worden totdat de TIJDSPERIODEN, KAIROI, TEMPORA der heidenen vervuld zijn.Ē, Lucas 21:20-24.
3. Hoe was IsraŽls toestand in de Diaspora in het eerste millennium? (359-360)

 

359. Hoe was de verhouding van joden en christenen in de eerste eeuwen?
Verstrooiden verzamelden zich in synagogen, waar zij ook godvrezenden en jodengenoten aantroffen als gedoopte en besneden bekeerlingen uit de heidenen, Hand. 10:2. Het OT werd vertaald in het Grieks (= Septuaginta, 3e tot 1e eeuw), de toenmalige beschavingstaal van Hellenisten rondom de Middellandse zee. Deze werkte mee aan de verbreiding van het geloof in de Ene en werd aangehaald door auteurs van het NT. Het winnen van heidenen door de synagoge had grote betekenis voor de uitbreiding van het christendom. Verharde joden en christenen-uit-de-joden botsten al spoedig over Jezusí identiteit en de weg tot behoud. Het Sanhedrin liet de apostelen gevangen nemen, stenigde Stefanus, Hand. 7, en vervolgde de Kerk maar Christus verijdelde hun poging om alle apostelen ter dood te brengen, Hand. 3-5; wel werd Jakobus door koning Herodes gedood, 12:2. Gevluchte leden verspreidden het evangelie in Judea en Samaria. Paulus stuitte bij de verkondiging van het evangelie vanuit synagogen op harde tegenstand van volksgenoten in Klein-AziŽ en MacedoniŽ, Hand. 13-28. Vooral na de val van Jeruzalem in 70 n. C. gingen joden en christenen-uit-de-joden uiteen; de laatsten groeiden ook weg van christenen-uit-de-heidenen.

 

360. Hoe was de relatie in het Byzantijnse rijk van de vierde tot de tiende eeuw?
De Byzantijnse overheid duldde joden mits zij geen christenen tot het jodendom bekeerden; zij mochten geen hoge overheidsambten bekleden. Men veranderde de Paasdatum in afwijking van de joodse maankalender, omdat een gemeenschappelijke datum christenen zou kunnen beÔnvloeden. De overheid trad meestal als rechter op als er kerken en synagogen in brand gestoken werden.

 

360.1. Wat bepaalde paus Gregorius in het Westen?
Gregorius de Grote (590-604) legde hun rechtspositie vast. Niemand mag Joden dwingen tot bekering. Zij verdienen respect als getuigen van Gods waarheid en verbond en als bewakers en overleveraars van het OT. Zij moeten daarom gespaard en beschermd worden. Hun ellende bewijst hun vloek en de waarheid van de Kerk die wacht op hun voorspelde bekering. In de tussentijd dienen christenen liefde te tonen voor vloekdragers, gestraft om de verwerping van zijn Zoon met Jeruzalems verwoesting, verstrooiing en knechtschap. In de Karolingische tijd waren joden gerespecteerde burgers met gelijke rechten. Karel de Grote (768-814) nam hen onder zijn voogdij en waarborgde hun veiligheid en eigendom, vrijheid van godsdienst en handel.
4. Hoe was de relatie joden/christenen in het tweede millennium? (361-366)

 

361. Hoe verklaart u de uitbarsting van de jodenhaat bij de kruistochten?
Zij golden als vervloekt wegens hun verwerping van Christus. Hun wonen in eigen wijken (gettoís) verhinderde de integratie en had een vervreemdend effect. Zij zouden de oorzaak zijn van het uitbreken van epidemieŽn, bronnen vergiftigen en bloed van christenen gebruiken voor matses. De oproep van paus Urbanus I in 1095 op het concilie van Clermont om Jeruzalem en het heilige land op Gods vijanden Ė moslims en joden - te veroveren deed de geest van vijandschap uit de fles springen. Onderweg naar Kanašn doodden kruisvaders joden, in Jeruzalem verbrandden zij hen met hun synagoge en slachtten de hele bevolking af behalve onbereikbare joden op het platteland. Toen Saladin in 1187 de kruisvaarders vernietigde, keerden vele joden terug en bouwden weer synagogen.

 

362. Hoe openbaarde zich de haat in de late Middeleeuwen en daarna?
Van 1300 tot 1500 ontwikkelde zich een totaal antisemitisme met rond 1300 al 100.000 slachtoffers. Overheden verdreven hen in 1291 uit Engeland, 1309 uit Frankrijk, 1492 uit Spanje, 1496 uit Portugal. Groepen in Spanje en Portugal lieten zich in hun nood Ė vertrekken of bekeren - noodgedwongen dopen maar bleven joods en hielden eigen riten aan (= maranen). Dit leidde tot het onderzoek (= inquisitie): Ďbent u wel echt bekeerd?í Zij werden levend verbrand als bleek dat joods gebleven waren. Velen vluchtten uit Spanje en Portugal naar Noord-Afrika, en Turkije, Polen en Nederland. In Oost-Europa leidde in deze tijd de huiver van Grieks-orthodoxen voor joden als moordenaars bij vlagen tot onvoorstelbaar bloedige en massale pogroms.

 

363. Wat was de houding van Luther en de gereformeerden?
Luther hoopte op de bekering van joden onder invloed van het herontdekte evangelie, maar toen deze uitbleef, richtte hij zich scherp tegen hen met de verwerpelijke voorslag: Ďverbrand hun synagogen als tuchtmaatregel tot hun behoud!í Deze jodenafkeer werkte in Duitsland nog lang door en kwam in de 20ste eeuw weer bovendrijven. Gereformeerden namen in de regel van de zestiende eeuw af een veel mildere houding aan, verleenden gevluchte joden asiel, verwachtten een omslag en trachtten hen door gesprekken over het OT tot Jezus als Messias te brengen.

 

364. Bracht de Verlichting ommekeer?
De hoop dat tijdens en na de Verlichting (18e eeuw) door de gelijkberechtiging en leer van de gelijkheid, vrijheid en broederschap het antisemitisme zou uitsterven, bleek ijdel. Weliswaar verkregen de Joden burgerlijke en politieke rechten, maar beroemde wijsgeren als Kant, Hegel en Schiller bleven zich over het jodendom negatief uiten. Voltaire stond bekend als jodenhater. Martin Heidegger (1889-1976), een van de belangrijkste wijsgeren van het existentialisme, trad in 1933/34 op als nationaal-socialistische rector van de universiteit van Freiburg en kreeg in 1945 als straf een leerverbod van enkele jaren opgelegd.

 

365. Hoe verklaart u, leraar, het plan tot vernietiging van joden in 1942?
Dit komt voort uit onredelijke, onverklaarbare haat tegen de HEER en zijn Zoon, tegen het door Hem uitverkoren IsraŽl en tegen zijn gemeente uit de volken met als bron, zaaier en ophitser Satan. Haat heeft vaak geen oorzaak, Ps. 69:5, of komt voort uit angst voor machtsverlies, Mat. 2:16 (kindermoord). Deze kan aanwezig zijn bij allen, 24:9-10. Satan is de oerleugenaar en oermoordenaar, Joh. 8:44; 15:18-25, misleider en aanklager, Openb. 6:9-11; 12; 20:7-10.

 

365.1. Welke verharding bracht het nationaal-socialisme aan?
Het nazisme (1933-1945) verhardde het in Europa bestaande antisemitisme tot evolutionistisch racisme. Het beschouwde joden als een minderwaardig en kwaadaardig ras en ontkende hun bestaansrecht onder ons. Naziís en Duitsers, Polen, Litouwers en Roemenen slachtten velen af in hun directe omgeving. Naziís brachten de meerderheid van zes miljoen in concentratiekampen door uithongering, uitputting en verbranding in gasovens om het leven. De Sjoa (= Vernietiging) of Holocaust (= volledig vrijwillig offer) was tegelijk
a. een gruwelijke misdaad,
b. openbaring van Gods toorn en
c. voorwerp van zijn toorn, waarin Hij ontaarden overgaf aan hun bloeddorst, Rom. 1:28-32.

 

Haat (Dichter)
ĎTalrijker dan het haar op mijn hoofd zijn zij die Mij HATEN ZONDER REDEN. Die mijn ondergang willen, groeien in aantal, vijanden die Mij bedriegen Wat ik nooit heb gestolen, zou ik nog terug moeten geven.í, Ps. 69:5.
Moord (Jezus)
ďDan zullen zij u prijsgeven aan onderdrukking en u vermoorden en u zult gehaat zijn bij alle volkeren vanwege mijn Naam. Dan zullen velen ten val gebracht worden, elkaar overleveren en haten.Ē, Mat. 24:9-10.
Haat. (Jezus)
ďWie Mij (= Jezus) haat, haat ook mijn Vader. Als Ik in hun midden geen daden had verricht Zoals niemand anders ooit verricht heeft, dan zouden ze zonder zonde zijn. Maar zij hebben Mij die wonderen zien verrichten en toch zijn zij vol haat tegen Mij en tegen mijn Vader. Maar het Woord dat in hun Tora geschreven staat moest in vervulling gaan: Zij hebben Mij zonder reden gehaat.Ē, Joh. 15:23-25.
Overgave In Toorn (Paulus)
ĎEn omdat zij zich niet verwaardigd hebben God te kennen, heeft God hen PRIJSGEGEVEN aan hun nietswaardige gezindheid, zodat zij alles doen wat niet te pas komt. Vervuld zijn zij van allerlei ongerechtigheid, boosheid, hebzucht en slechtheid, vol nijd, bloeddorst , ruzie, bedrog en kwaadaardigheid.í, Rom. 1:28-29.

 

366. Hoe kwam het tot de herstichting van de staat IsraŽl?
De meeste joden kenden een mystiek verlangen om terug te keren naar Sion, Ps. 137. Toen Theodor Herzl (1860-1904) het proces bijwoonde waarin Dreyfus, joods officier, ten onrechte veroordeeld werd wegens landverraad, werd hij zich bewust dat de diaspora van negentien eeuwen joden in Europa geen veilig bestaan had verschaft. Hij gaf met zijn Der Judenstaat, 1896, de stoot tot de zionistische beweging en remigratie naar Kanašn, die uitliep op de herstichting van de staat IsraŽl, 1948. De Sjoa heeft de terugkeer versneld, niet veroorzaakt.
5. Hoe reageerden Arabieren en moslims op deze herstichting? (367-370)

 

367. Hoe ervoeren Joden de heerschappij van moslims in hun land?
Joodse stammen sloten vriendschap met moslims en steunden hen bij de verovering van steden op de Perzen, 636. Moslims lieten de uitoefening van hun godsdienst vrij maar eisten belasting voor hun bescherming. Joden hadden in een regio zelfbestuur met een hoofd met de bevoegdheid van patriarch (gaon nassi = verheven patriarch). Onder de Omars mochten zij geen synagogen bouwen; huizen mochten niet hoger en groter zijn dan die van moslims. Joden moesten gele, christenen blauwe en Samaritanen rode tekens dragen voor herkenning. Nog in 1840 leidde het bloedsprookje Ė joden verwerken bloed in matzes Ė tot pogroms die honderden joden in Arabische landen het leven kosten. In 1863 verschenen in Jeruzalem de eerste twee Hebreeuwstalige kranten. Het moslimjuk drukte op hen van 638 tot 1917, in welk jaar de Engelse regering hen in de Balfourverklaring steunde voor een nationaal tehuis in het toentertijd nog tot het Turkse rijk behorende Palestina.

 

368. Waarom hecht de islam zo aan Jeruzalem en het heilige land?
Moslims beschouwen het grondgebied, waarop de staat IsraŽl is gevestigd, als land dat hun door Allah in beheer is gegeven tot de opstandingsdag (= waqf-gebied). Jeruzalem kreeg betekenis omdat Mohammed Jeruzalem voorschreef als blikrichting (kibla) voor het gebed; hij veranderde deze, toen hij inzag de joden hem niet zouden volgen. Hij zou vanaf de tempelberg een reis naar de hemel gemaakt hebben, s. 17:1, waar in 1691 een kalief de Gouden Koepel van de Rots liet bouwen als herinnering daaraan. De al-Aksa-moskee kreeg deze naam omdat Allah Mohammed naar het verst verwijderde huis van aanbidding (= al-masjid al-Aksa) bracht, s. 17:1. De stad werd voor hen heiliger toen kruisvaarders gedurende bijna een eeuw (1099-1187) hun heerschappij doorbraken en al-Aksa-moskee tot residentie van de heerser over Jeruzalem maakten en de Koepel tot Kerk. Met deze gebouwen Ė en bij tijden vierendertig moskeeŽn - maakte Jeruzalem deel uit van de islamitische beschaving.

 

369. Hoe reageerden moslims en Palestijnen op de opgerichte staat IsraŽl?
Zij achtten dit een catastrofe (Nakba) en wederrechtelijke actie van Westers imperialisme op islamitisch en Arabisch grondgebied. Zij begonnen 15 mei 1948 een oorlog om IsraŽl van de kaart te vegen. Hun belofte dat vluchtelingen zouden terugkeren losten zij vanwege hun nederlaag niet in zodat er kampen verrezen. Gruwelverhalen over de dood van 107 Arabieren in het veroverde dorp Deir Yassin op 9 april 1948 bevorderden de vluchtelingenstroom. Op 18 november aanvaardde IsraŽl een staakt-het-vuren-oproep.

 

370. Wat is en wil de HAMAS?
De Fatach, belangrijkste fractie binnen de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (= PLO), voerde eerst het bewind in Gaza en op de Westbank. Op 25 januari 2006 werd de in 1987 gestichtte HAMAS (= kracht, dapperheid) de grootste partij. HAMAS is de afkorting van H-arakat Al-Mukawama Al-ISlamiya of Islamitische verzetsbeweging. Het heeft hetzelfde motto als de Moslim Broederschap: Allah is haar doel, de Profeet is haar voorbeeld ter navolging, de Koran haar grondwet, jihad haar pad en sterven voor Allah haar meest verheven wens, art. 8 van het Programma. Hamas streeft naar vernietiging van de Staat IsraŽl en vestiging van een Palestijnse moslimstaat, maar kan openingen geven door voorlopige verdragen. De eveneens antizionistische Fatah ziet in de staat IsraŽl racisme en kolonialisme, maar staat open voor de twee-staten-oplossing. Beiden kunnen ook weer tot elkaar naderen voor een gemeenschappelijke positie en onderhandelingen.
6. Welk doel had HIJ met Diaspora, Sjoa en moslimheerschappij? (371-375)

 

371. Hebben wij veel geleerd van de Sjoa?
In 2008 verklaarde de tachtigjarige Elie Wiesel, overlevende van Auschwitz en Buchenwald, auteur van veertig boeken hierover - waaronder Nacht - dat de periode na Auschwitz voorbij is: Ďde mensheid heeft niets van de Sjoa geleerd!í Hij verwees hierbij naar de toespraak van Mahmoud Ahmadinejad, president van Iran, voor de VN in September 2008 over Zionistische moordenaars. De haat is volgens hem in Auschwitz niet verbrand gezien de voortgaande kwaadaardigheid en massamoorden, Ami-nieuws, 33e jrg. Nr 7, 2008.

 

371.1. Hoe leren wij de geschiedenis te verstaan vanuit Gods Naam?
Het blijkt nodig komende generaties de les van het spellen van Gods Naam te leren en oudere generaties te behoeden voor vergetelheid door repetitie van de Gods geschiedeniscanon, Ps. 78; 105-106. De voornaamste zingeving en les van Diaspora, Sjoa en Staat IsraŽl blijft dat Hij zijn naam heiligde in genade en gericht en dat wij zijn Naam heiligen en zijn hand erkennen in voorspoed en tegenspoed naar EzechiŽl 36.

 

372. Hoe wil de HEER dat wij zijn Naam in het leed heiligen?
Hij liet soldaten in dienst van een dictator ondergaan in de zee opdat het volk de rechtmatigheid van Zijn gericht beleed: íIn dit vonnis over ons, uitbuiters en verdrukkers, handelde U rechtvaardig, JAHWEH, Geduchte en Heilige!í, Ex. 14:4, 17-18; 15; Neh. 9. Hij koelde in de Verstrooiing zijn woede op zijn volk, dat het welzijn verafgoodde en zijn profeten vermoordde opdat zij erkenden: íWij hebben dit verdiend, help ons uit de ellende ter wille van uw Naam, en neem zelf weg de vernedering die wij U aandeden!í, Ez. 36:16-19; Ps. 79.

 

373. Hoe handhaaft de HEER zijn naam onder spotdrijvende volken?
Vijanden bespotten door de diaspora zijn Naam. ĎWat is dat een vreemde machteloze lijdende god die zijn eigen volk laat deporteren en tot slaaf maken? Wat een blamage, als je zoín god bent en hebt! Wie bidt nu tot zoín machteloze!í, Ps. 80:7; Ez. 36:20-21. Maar de HEER beoogde hiermee dat zijn volk door deze spot Hem zou vragen: ĎHerstel onze conditie opdat volken ophouden uw Naam te bespotten en over U een positief getuigenis geven door ons gedrag als goede getuigen van U!í Hij voerde zijn volk naar het eigen land terug en gaf het nieuw welzijn opdat zij - en wij met hen - erkennen: ĎU laat ons niet aan ons lot over, maak uw Naam waar in ons herstel, leer ons U te heiligen!í, Ez. 36:24-38; Neh. 9.

 

374. Hoe verklaart U de voortgaande moslim-druk op de diep beproefden?
Moslims willen geen antisemieten, wel anti-zionisten zijn, maar hun verzet is zo hevig en wijd verspreid dat vooral de islamisten onder hen neigen tot een kwaadaardige variant van het antisemisme. Gekrenkt in hun eer over geroofd islamgebied en geleden nederlagen noemen velen de USA de grote satan, IsraŽl de kleine satan. De HEER gebruikt pressie met zijn Linkerhand opdat betrokkenen erkennen: Ď Jezus is de Messias, Heer der heren en gezondene van de Vader!í. Zolang het jodendom niet voor Hem uitkomt, blijft het onder spanning staan.

 

375. Welke lessen geeft Hij joden, christenen en moslims dagelijks via media?
De Getrouwe confronteert ons met Zichzelf, met zijn beloften en bedreigingen door pers en hulp, soldaten en raketten als tekenen van de eindtijd, Mat. 24. Hij houdt IsraŽl van 1948 tot heden met zijn Linkerhand in de houdgreep van elkaar gijzelende Arabieren, Palestijnen en Joden in een triest kluwen opdat allen tot Hem gaan als enige Helper uit de ellende van haat en wraak. Hij wekt hen en ons met zijn Rechterhand door het evangelie op om Hem boven het gewoel te erkennen als de Superieure die zijn plan in Jezus, die de Messias en de Christus is, volvoert.

 

ĎU bent Jahweh, Hij-Is-Er-Bij, de Soevereine en Genadige Bevrijder!
U eren wij als God-van-Abraham, God-van-Isaak en God-van-Jakob, de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, God van grote wonderen.
U bent Redder van Hagar en IsmaŽl temidden van confrontaties.
U aanbidden wij als de Alfa en Omega, Hij die is en Hij die was en die komt, de Albeheerser!í,
Openb. 1:4-8.

 

Oefening: 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19a | 19b